DE PENSIOENROOF AL AAN DE GANG 32,86 MILJARD  GEJAT WAAR WEINIGEN VAN AF WETEN

DE PENSIOENROOF AL AAN DE GANG 32,86 MILJARD GEJAT WAAR WEINIGEN VAN AF WETEN

20 januari 2020 2 Door Indignatie redactie
4.7
(18)

Het ABP staat voor alle pensioenfondsen samen die nu samen ruim 1300 x 1000 x 1000 x 1000 Euro in kas hebben dat is 5x de totale staatsuitgaven van onze overheid in 2018 of genoeg geld om vanaf nu 60 jaar lang alle pensioenen uit te keren zelfs als er door niemand meer pensioenpremie betaald wordt en er de komende 60 jaar jaar na jaar 0% rendement wordt gehaald.

Een Keihard FEIT: Het ABP heeft sinds 1985; dus al meer dan 30 jaar, een gemiddeld RENDEMENT gehaald van bijna 8% PER JAAR !!!!! en daardoor klotsen de EURO’s over de kaden. Hoezo wanbeleid?

WANBELEID wordt al 10 jaar door de OVERHEID, DNB met instemming van VAKBONDSBESTUURDERS en WERKGEVERS gevoerd door niet met de langjarige rendementen te rekenen maar een WAANZINNIG LAGE REKENRENTE van nu 1.5% DWINGEND aan de pensioenfondsen OP TE LEGGEN. Waarmee de overheid het pensioenstelsel al 10 jaar KUNSTMATIG in een ZEER KWAAD DAGLICHT stelt om het binnenkort bij wet te kunnen OPENBREKEN om de honderden miljarden Euro’s voor heel andere doeleinden te gaan gebruiken dan voor het uitkeren van pensioenen.
En in het kader van het FAKE NEWS en ALTERNATIEVE FEITEN wordt door de misdadig voorgeschreven rekenrente nu al 10 jaar VOORKOMEN dat INDEXERING van de pensioenen plaatsvindt. De daders horen levenslang opgesloten te worden.

Pijnlijk duidelijk wordt nu, dat ouderen die schijnbaar helemaal niets over hun eigen pensioen te vertellen hebben, nu lijdzaam moeten toezien dat zij van hun jarenlang gespaarde geld, om zich van een leefbare oude dag te kunnen verzekeren, massaal beroofd worden en veroordeeld zijn tot een leven op de rand van de armoedegrens! Dit is nog minder dan wat mensen uit de derde wereldlanden (die flink gesubsidieerd worden) ontvangen!

Een gepensioneerde met een aanvullend pensioen van 1.000 euro bruto, kan daar straks nog net de huur van betalen. Hij zal van de AOW-uitkering moeten leven. Dat is geen vetpot.

Huren, elektriciteit en voedsel wordt veel duurder in 2019 – vaak meer dan de inflatie.
Voor degenen die alleen een AOW ontvangen betekent dit de genadeslag! Die hebben geen cent meer om te overleven! De gang naar de voedselbank is dan ook hun enige optie!, met dank aan het beleid van Rutte 1,2 en 3 en toch blijft met stemmen op de achterlijke VVD SCHANDE!

Het is toch duidelijk: wij zijn de slaven van het pensioensysteem. We zijn bestolen. In de hoogtijdagen van de vrije handel, de jaren vanaf 1980, hebben de pensioenfondsen veel verdiend en grote reserves aangelegd voor de lange termijn. Maar dat bracht de werkgevers, waaronder de grootste, de Nederlandse overheid, in de verleiding om op grote schaal de fondsen te bestelen.

Ze hebben hun bijdragen (het werkgeversdeel) aan de pensioenfondsen verlaagd of helemaal niet meer betaald. De aandeelhouders staken de extra winst in hun zak en de overheid hield geld over voor andere zaken. Bovendien deden veel werkgevers een greep in de pensioenpot van “ hun” fonds. De regering-Lubbers haalde 30 miljard gulden weg uit het ABP! Minister Ruding zei daarover dat dit geld nodig was voor het reorganiseren van de overheid en dat de opbrengsten van het aardgas daarvoor onvoldoende meer waren. Ik noem dat wettige diefstal.

Zonder die diefstallen zou het totale vermogen van de pensioenfondsen meer dan het dubbele zijn geweest van wat het nu is.

Er zou vandaag, voldoende geld beschikbaar zijn geweest om aan alle verplichtingen voor nog minstens 40 tot 60 jaar te kunnen voldoen. De econoom Ad Broere geeft hier veel informatie over.

Mensen, noem elkaar geen mietje – eenmaal zing je allemaal – allemaal het ouwe liedje: ‘t is de schuld van ’t kapitaal.

Pensioendiefstal in de jaren ’80 en ’90

In de jaren ’80 en begin jaren ’90 zijn er door de Nederlandse staat met behulp van de uitnamewet miljarden guldens uit de pensioenpot van het pensioenfonds ABP achterover gedrukt. Dit blijkt uit onderzoek van de inmiddels overleden econoom Hennie Kemner.

Lees ook:  flexibilisering van de arbeidsmarkt was een onzin maatregel en moet nu verdwijnen

In de gepensioneerden wereld werd al geruime tijd schande gesproken over de greep van de rijksoverheid in de pensioenkas van de ambtenaren. Kenmer nam zich voor om te onderzoeken of het bedrag dat rond ging van meer dan 30 miljard gulden klopte en welke weg de overheid hiervoor had bewandeld. Dankzij bovengemiddelde doorzettingskracht en de Wet Openbaarheid Bestuur lukte het Kenmer uiteindelijk om de cruciale dossiers in handen te krijgen.

Uit het onderzoek van Kenmer bleek dat de overheid onder de kabinetten Lubbers en het eerste kabinet Kok tientallen miljarden guldens achterhield. Dit deed de overheid door met behulp van de uitnamewet de werkgeversbijdrage aan de pensioenen jaar in jaar uit te verlagen. Hierdoor was de achterstand op de premiebetalingen in 1992 al opgelopen tot 32,86 miljard gulden. De betrokken centrales, het ABP zelf, de Verzekeringskamer en de Raad van State tekenden allen bezwaar aan tegen de uitnamen. Daarnaast eigende de overheid zich onder andere nog 3 miljard gulden van het vermogen voor het bovenwettelijke deel van de invaliditeitspensioenen toe.

Door de greep van de toenmalige regeringen uit de kas van het ABP is er op termijn veel potentieel rendement misgelopen. Het ABP stond kort na het begin van de kredietcrisis onder grote druk omdat de dekkingsgraad kelderde. Over 2008 zakte de dekkingsgraad, de verhouding tussen het vermogen van een pensioenfonds en de pensioenen die moeten worden uitgekeerd, met bijna zestig procentpunt naar een dieptepunt van 83 procent in 2009. Inmiddels is de dekkingsgraad weer toegenomen tot 106,4 procent. Desalniettemin zetten de bevindingen van Kemner de recente verhogingen van de pensioenpremies in een ander licht. Zoals hoogleraar van de Poel in 2010 stelde hebben politci lang het ABP gebruik als veilige haven om de schuld van hun eigen handelingen op andere af te schuiven.

De overheid kreeg dit allen onder andere voor elkaar door te spelen met de rekenrente. Bekijk het filmpje van Ad Broere, auteur van het boek “Geld komt uit het niets”, hieronder voor een verdere toelichting. Het onderzoek van Hennie Kenmer vind u hier.

DE PENSIOENROOF VAN FL. 32,86 MILJARD WAAR WEINIGEN VAN AF WETEN

We moeten inleveren op ons pensioen, twee miljoen nog werkende of gepensioneerde zullen niet meer rond kunnen komen omdat 1400 miljard in de kast volgens deze aasgieren niet het rendement oplevert. GROTE ONZIN WANT WAT GEBEURT ER MET DIE 33 MILJARD DIE DE REGERING HEEFT GEJAT UIT DE PENSIOENPOT VAN HARDWERKENDE BURGERS?

pensioenroof

De bovenstaande ingezonden brief lazen we eerder in de De Telegraaf. De schrijver maakt zich boos over de aanstaande pensioenkortingen en het uitblijven van protest. Aanleiding voor het protest zou dan de pensioenroof door meerdere kabinetten moeten vormen. Als de overheid in het verleden geen greep in de pensioenkassen had gedaan, dan was er nu genoeg geld om pensioenen zonder korting uit te keren. Terug dus met dat geld! De ingezondenbrievenschrijver doet een interessante oproep en de pensioenroof wordt vaak aangedragen als reden voor de huidige slechte financiële positie van veel pensioenfondsen. Maar waar gaat het nou eigenlijk over? Een geschiedenisles over een onverwerkt verleden.

Het begint met Lubbers
In 1982 stond het land er financieel buitengewoon beroerd voor. Het net aangetreden kabinet Lubbers I moest hard ingrijpen om de financiën van het rijk in het spoor te krijgen. Alles en iedereen kampte met geldgebrek, behalve de pensioenfondsen. Die zaten, zo was de overheersende gedachte, vol. Dus kwam Lubbers op het idee om de pensioenpremies voor ambtenaren tijdelijk te verlagen. Dat vormde een flinke besparing op de loonkosten van ambtenaren.

Lees ook:  Migratie: het thema voor 2020 in Nederland? Na jaren van woorden, nu daden?

De premies zouden verhoogd worden op het moment dat de zon weer zou gaan schijnen. Met de premieverlaging werd ingeteerd op de reserves van het ABP door te lage, niet-kostendekkende premies te storten. De premieverlaging werd vastgelegd in de tijdelijke uitnamewet (+1 voor de naam), goedgekeurd door de Tweede Kamer. Vakbonden en bestuurders van het ABP waren tegen. Ambtenaren profiteerden zelf niet of nauwelijks van die premieverlagingen.

Zij konden echter weinig uitrichten, want ‘de minister van Binnenlandse Zaken was tot 1 januari 1996 de verantwoordelijke minister voor het publiekrechtelijke ABP’. De premiekortingen werden aangewend voor het terugdringen van financieringstekorten. Volgende kabinetten verlengden de tijdelijke uitnamewet met grote graagte, want gratis geld. In 1981 bedroeg de pensioenpremie 21% die gestaag daalde naar 8,3% in 1989. Op dat moment raakten de reserves bij het ABP op en vond iedereen dat er wat moest gebeuren.

Het ABP wordt zelfstandig
‘De Tweede Kamer en de minister van Binnenlandse Zaken bleken in februari 1991 eensgezind te zijn in de wens om een breed overleg tussen regering, ABP en centrales van overheidspersoneel te starten. Daarin zouden aan de orde moeten komen: het inlopen van de financieringsachterstand, herziening van het premiesysteem voor pensioenen, aanpassing van het pensioenaansprakenpakket en de positie van het ABP ten opzichte van het Rijk’.

Dat leidde uiteindelijk in 1996 tot de verzelfstandiging van het ABP. Bij die privatisering werd het gat berekend tussen de werkelijk gestorte premies in de periode 1982-1994 en wat gestort had moeten zijn om de kosten te dekken. Dat bedrag: fl 32,86 miljard. Uiteraard was er geen politicus bereid om dat ineens bij te passen. Gekozen werd om het premietekort de komende jaren in te halen met hogere pensioenpremies (historie en bedragen zijn afkomstig uit dit verslag van de Rekenkamer.

‘De privatisering van het ABP was en blijft in financieel opzicht de grootste privatisering in Nederland. Het vermogen van het ABP bedroeg eind 1995 namelijk f194,9 miljard‘). Eind goed al goed, zouden we op dit punt willen zeggen. De keuze om pensioenpremies te verlagen om ‘s Rijks financiën te verbeteren is een politieke en te verdedigen.

Maar er gebeurde meer
Helaas ligt de zaak ingewikkelder. Ten eerste is tot op heden onduidelijk in hoeverre het premietekort daadwerkelijk is ingelopen in de jaren na 1996. In de tweede plaats speelde een wetsvoorstel uit 1989 (het is nooit een wet geworden) een rol: de wet op de heffing van vermogensoverschotten van pensioenfondsen.

Tot nu ging het steeds over het ABP, maar dit wetsvoorstel raakte alle pensioenfondsen. Als pensioenfondsen te rijk zouden worden (dekkingsgraad > 120%), dan dreigde de overheid via het wetsvoorstel het meerdere af te romen. Voor veel pensioenfondsen vormde dit de aanleiding om de pensioenpremies te verlagen, want de kassen zaten overvol. In de jaren ’90 werd iedereen hier overigens vrolijk van: bedrijven betaalden jarenlang minder of zelfs geen pensioenpremies, winsten stegen, belastinginkomsten stegen, lonen stegen. Kortom: iedereen profiteerde direct van deze maatregel.

Het is nog steeds niet duidelijk in hoeverre deze premievakanties hebben geleid tot de huidige financiële problemen bij pensioenfondsen, omdat tot op heden door de regering stelselmatig geweigerd wordt dit uit te zoeken (bron en literatuurverwijzingen, zie p. 2 en 3 uit de Dietvorstbundel).

Ja, het was een roof
Terug naar de ingezondenbrievenschrijver en de vraag of ‘de grote pensioenroof’ heeft geleid tot de huidige problemen. Ja, zeggen velen, waaronder oud-ABP-bestuurder Jean Frijns die van 1993-2005 hoofd beleggingen was. Als de overheid niet had ingegrepen, dan was de dekkingsgraad van het ABP aan de vooravond van de crisis van 2007-heden geen 130% maar 160% geweest en had er nu niet gekort hoeven worden. Hetzelfde meent Van Arendonk, emeritus hoogleraar belastingrecht Erasmus Universiteit Rotterdam, in een stuk waar we hierboven al naar linkten. En voor meer aanhangers van dit standpunt: google op ‘pensioenroof+Lubbers’.

Lees ook:  Pensioen en spaargeld Nederlanders wordt keihard gesloopt door de EU met dank aan de ECB

Of toch niet?
Bij dit alles dient men zich af te vragen of bijvoorbeeld het ABP er heden ten dage daadwerkelijk goed voor had gestaan zonder uitnamewet en ‘afroomvoorstel’. Roland van Gaalen* en Martin Pikaart*, die diepgravend onderzoek doen naar de gang van zaken bij het ABP, stellen dat de financiële positie van het ABP in 1998 in orde was.

De nominale dekkingsgraad bedroeg 116% en de reële dekkingsgraad 107% (reëel=rekening houden met loonstijgingen en pensioenindexaties. ABP nominaal juni 2016: 90,6%. Reëel is onbekend). ‘Dit bewijst niet dat in het verleden geen pensioengeld is weggelekt, bijvoorbeeld door “uitnames” door de overheid (…)‘ zeggen Pikaart en Van Gaalen over de maatregelen van Lubbers c.s.

Wel stellen zij dat vanaf 1998 als het ware met een schone lei begonnen kan worden. Het fonds staat er goed genoeg voor. Het probleem is evenwel dat de premies vanaf die tijd stelselmatig te laag zijn vastgesteld, met name vanaf 2002. Achter die te lage premies zit niet alleen de overheid, vakbonden spelen daar ook een grote rol in. Van Gaalen merkt tegen ons desgevraagd op dat, als de dekkingsgraad in 1998 hoger zou zijn geweest, de premies na 1998 vermoedelijk nog lager zouden zijn vastgesteld en dat de huidige problemen mogelijkerwijs eveneens opgetreden zouden zijn (meer info). In een mooi Volkskrant-artikel uit 2012 wordt de uitnamewet naast het afroomvoorstel gezet.

Als Lubbers in de jaren ’80 voldoende premie zou hebben afgedragen, dan zou het ABP in navolging van andere pensioenfondsen hoogstwaarschijnlijk in de jaren ’90 de pensioenpremies alsnog flink verlaagd hebben (artikel hier).

Geschiedenis gaat verder
Er zitten nogal wat losse draden aan het verhaal en die gaan wij helaas niet vastknopen. Van Gaalen stelt dat ten aanzien van het ABP nader onderzocht zal moeten worden of de overheid zich voorafgaand en tijdens de privatisering aan de wet heeft gehouden. Pas dan is duidelijk wat de financiële gevolgen van de uitnamewet zijn geweest.

Voor hetzelfde pleit Van Arendonk ten aanzien van het afroomvoorstel. Maar dan nog zijn we er niet. We zullen immers nooit weten of pensioenfondsen (bestuurd door werknemers en werkgevers), zonder uitnamewet en afroomvoorstel, daadwerkelijk de juiste premies zouden zijn blijven berekenen. Tot op de dag staan niet alleen werkgevers en werknemers tegenover elkaar.

Ook jongere en oudere werknemers hebben compleet tegengestelde belangen, waardoor menig fonds loopt te zigzaggen in het premiebeleid. En daarmee sluiten we deze geschiedenisles af, hopende op een nader onderzoek door dit kabinet waarmee de onderste steen boven komt.

donatie Voordat je gaat... 2020 zal naar verwachting ongekende hoeveelheden desinformatie bevatten. Bij Indignatie doen we ons best om journalistiek te produceren, geschreven door experts, op basis van hun onderzoek. Uw donatie zal helpen ervoor te zorgen dat deze journalistiek gratis wordt verspreid waar het nodig is.
IBAN: DE97100110012628055249
BIC:NTSBDEB1XXX
Op naam van: Erich brink
Onderwerp: Indignatie

Dit artikel is gekozen voor herpublicatie op basis van de interesse van onze lezers. Indignatie publiceert verhalen uit een aantal andere onafhankelijke nieuwsbronnen. De meningen in dit artikel zijn van de auteur en weerspiegelen niet het redactionele beleid van Indignatie.

How useful was this post?

Click on a star to rate it!

Average rating 4.7 / 5. Vote count: 18

No votes so far! Be the first to rate this post.

We are sorry that this post was not useful for you!

Let us improve this post!

Tell us how we can improve this post?

Comments

comments